The Lone Bellow - Then Came the Morning

Album van de week


Descendant Records

The Lone Bellow heeft met Zach Williams een zanger in huis die je met zijn stem onmiddellijk in zijn greep weet te houden. Hij beschikt over een krachtig stemgeluid. Ook weet hij goed emotie in zijn zang aan te brengen. Maar hij is meer dan alleen maar de zanger van de groep; hij schrijft ook mee aan alle liedjes en was in 2011 de initiator van het trio.
Dat hij componeert is min of meer toeval, want hij begon met het schrijven van liedjes toen zijn vrouw tijdelijk verlamd was en hij het ergste voor haar vreesde. Eigenlijk hield hij toen alleen een dagboek bij, maar aangemoedigd door zijn vrienden maakte hij er liedjes van en leerde hij ook de gitaar te bespelen. Zingen deed hij al eerder. Met zijn vrouw is het overigens goed gekomen.

In 2013 kwam het titelloze debuutalbum uit, dat een bescheiden succes werd in de VS. In Nederland was er nauwelijks aandacht voor. Onlangs verscheen de opvolger Then Came the Morning. Het zou jammer zijn als ook dit album in Nederland onopgemerkt blijft, want het is een prachtig album van een uitstekend gezelschap.

Het trio bestaat naast Zach Williams uit Kanene Donehey Pipkin (mandoline, zang) en Brian Elmquist (gitaar, zang), die beiden ook meeschrijven aan de liedjes en hun partijtjes meezingen.
Dat zingen is een grote troef van de band. De stemmen van Zach en Kanene harmoniëren als de lagen van een spekkoek en ook Brians bijdrage is niet onbelangrijk. Die prachtige elkaar afwisselende stemmen in combinatie met de traditionele instrumentatie doet soms denken aan de sfeer van het beste van The Band. Misschien ga ik met deze vergelijking iets te ver, maar feit is dat Then Came the Morning een zogenaamd groei-album is: met elke draaibeurt wordt het sterker en waar het eindigt weten we pas aan het eind van het jaar!

Het album is geproduceerd door Aaron Dessner van the National die een paar kornuiten meetroonde als aanvulling op de muziek. Het is opgenomen in een oude kerk waarbij de microfoons aan de spanribben waren opgehangen om de harmoniërende zang optimaal te kunnen registreren. Alle lof voor Aaron Dessner die zo een schitterende klus heeft geklaard.

Het album opent met het titelnummer en het trio pakt met de begeleiders meteen goed uit. Door het orkestje en de gedreven zangpartij van Zach ontstaat er een soort wall of sound die we kennen van Phil Spector. De achtergrondzang bestaat slechts uit twee stemmen maar er lijkt een heel koor bezig te zijn. De overgave van het gezelschap is verpletterend en de plots uitdovende finale van het liedje overweldigend. Zo’n band moet je gewoon een keer live meemaken!

Het volgende liedje laat goed zien waartoe ze vocaal in staat zijn met hun prachtige samenvloeiende stemmen. De tekst verhaalt over vervlogen illusies en past goed in de mooie weemoedige sfeer van de muziek van The National.

De muziekstijl varieert van gospel tot power rock met als basis die geweldige zang die onnadrukkelijk begeleid wordt door een klein ensemble bestaande uit strijkers en blazers en van waaruit hier en daar heel subtiel het geluid van een steel guitar zich vrijmaakt.

Het album kent stuk voor stuk uitsluitend mooie liedjes waarop nog eens prachtig wordt gezongen. En daar draait het uiteindelijk om in de muziek, toch?