Ralph de Jongh - Sun Coming Up

Album van de week


[Eigen beheer]

Ik verwachtte blues, maar kreeg het niet. Ralph de Jong (Roosendaal, 1975) is een bluesman, zeggen ze. En zeker niet de eerste de beste. Veel lof krijgt hij, in kleine kring weliswaar, van een select groepje fijnproevers. Dat is het lot van vele goede muzikanten overigens, die muziek maken waar vele hitmachines een puntje aan kunnen zuigen, maar overdag bij wijze van spreken vakken moeten vullen bij de buurtsuper om aan de kost te kunnen komen.

Ik verwachtte bluesmuziek, maar kreeg iets anders. Bedrogen voel ik mij niet, want Sun Coming Up staat boordevol uitgebalanceerde songs in uiteenlopende genres. In de verste verte kun je nog wel denken aan blues. Maar Turn Me On, dat eerste liedje, is vooral rock. Bluesrock misschien dan nog, met een beetje goede wil, door het stevig geluid in een bovengemiddeld tempo. The Rolling Stones zouden het opgenomen kunnen hebben mits ze een goede saxofonist hadden kunnen vinden. Of Joe Bonamassa, de bluesman anno nu. Die stevige toon wordt bij On Your Own, het tweede nummer, alweer verlaten. De muziek wordt rustiger. Herinneringsflarden aan Wild Horses van - weer - The Rolling Stones worden uit het laadje vergeten songs tevoorschijn gehaald. Blues? Welnee. Maar wel muziek die verduveld goed in elkaar zit en veel, veel subtieler is dan die van The Rolling Stones.

Op Sun Coming Up, het derde nummer, zijn we gewoon aan het rocken. Weer valt die goede instrumentatie op. Hier zijn onmiskenbaar muzikanten bezig die mekaar perfect aanvullen en elkander niet in de weg zitten. Op Worried Man Blues horen we gospel, het is een akoestisch nummer dat Ralph de Jongh solo brengt. Hoewel, er komt halverwege toch een piano bij en waarempel, daar verschijnt ook nog een steel guitar.

Zo word je voortdurend in de luren gelegd op het laatste album van Ralph de Jongh. Sun Coming Up is daardoor een eigenzinnig en etiketloos album geworden.Tien eigen composities en een cover (Worried Man Blues, A.P. Carter) kent het album. Ik ga er nog twee uitpikken. Good Morning Woman bijvoorbeeld, een nummer dat niet zou misstaan op een album van Ry Cooder, in de sfeer van Paradise & Lunch, muziek uit het zuiden van de Verenigde Staten. Hiermee komt Ralph nog het dichtst bij de blues en roots muziek.

En Harry, een lied van 12’08”. Twaalf minuten, hoe haal je het in je hoofd. En dat plompverloren tussen andere nummers in plaatsen. Dat had ook aan het einde gekund, denk ik dan bij voorbaat. Staat het aan het eind, dan kun je het nog overslaan voor de verveling toeslaat. Maar weer werd ik bij de neus genomen. Het is een ijzersterke compositie geworden met een mooie opbouw, dat begint met een tsunami aan gitaren (althans zo lijkt het, ze komen van verschillende kanten en convergeren naar mijn twee oorgaten, maar bij nader inzien blijkt het om twee gitaren te zijn met daarbij een om de tuin leidend keyboard dat zich vermomd heeft als een gitaar), waanzinnige zang van Ralph die doet denken aan de manische stem van Peter Rowan en zijn Earth Opera, de opbouw naar de climax, de catharsis, dan de oase van rust en het uitspelen van de wedstrijd met die schitterende spelerswissel waardoor de sax erin kan komen (let ook op het gehaaide tijdrekken van de drums). Ik begrijp de tekst niet, ik weet dat het over Harry Muskee gaat, ik hoor dat het uit de tenen komt en met alle mogelijke passie gezongen wordt en dat is al genoeg voor mij. Wat dondert het ook. Het is een prachtige compositie die het verdient om geen hit te worden. Want alleen dan krijgt het de eer en waardering van dat handjevol fijnproevers dat weet wat het leven te bieden heeft. Kippenvel dus.

Uitsmijter is It’s All Right. Rampestampend en rockend verlaten we het album. Alle nummers uitgezeten, het is voorwaar geen straf.

Ralph de Jongh & Christof Bauwens: gitaren
Jasper Mortier: bas
Marcel Wolthof: drums
Arend Bouwmeester: saxofoon