Paula Cole - Raven, ****

Het eerste waar ik aan moet denken als ik de naam van Paula Cole hoor is haar grote hit Where Have All The Cowboys Gone (1996). Raven is alweer haar zesde studioalbum en het eerste album dat met behulp van crowdfunding is geproduceerd. Het resultaat is een mooi en bij vlagen zelfs uitstekend klinkend album. Zij is dan ook een singer/songwriter die haar sporen ruimschoots heeft verdiend.
Met haar debuutalbum Harbinger (1994) trok zij de aandacht van Peter Gabriel die haar vroeg de vrouwelijke zangpartijen te verzorgen tijdens zijn mondiale Secret World-tour. Ze won in 1997 de Grammy voor Best New Artist en werd, als eerste vrouw ooit, genomineerd in de categorie beste producer van het jaar.

Op Raven koos Cole voor een vol en rijk geluid wat een verstandige keuze is, want in deze setting komt haar stem heel goed tot zijn recht. Het album wordt gekenmerkt door een aantal pakkende gitaar -en pianoriffs in een stijl die gekenmerkt wordt door opvallend veel muzikaliteit, een stijl die zij gestaag heeft ontwikkeld gedurende haar lange muzikale carrière.

Het openingsnummer Life Goes On vertelt een verhaal over familie, verdriet en liefde. Haar talent voor melodie en lyriek komt meteen al vertrouwd over.
Op Strong Beautiful Woman doet de stijl mij denken aan Carly Simon. Op deze track grijpt zij terug naar haar verleden met woorden van bemoediging en zekerheid. Wie zingt ze toe? Een dochter, zichzelf?
In Eloise kruipt zij in de huid van een jaloerse minnaar die smeekt om vergeving voor een relatie die mis is gegaan en voor het doden van de man waar Eloise een verhouding mee heeft. Onder begeleiding van een twangy gitaar en meerdere lagen van achtergrondzang zingt zij "Eloise, Eloise, forgive me please Eloise" met zacht falset en voelbare emoties van spijt en wanhoop.
Manitoba is een van de beste tracks op dit album, met een knipoog naar symphorock a la Sharon den Adel (Within Temptation). Hier vertelt zij over het naderende einde van haar relatie en maakt zij gebruik van haar krachtige stem om haar woede tot haar minnaar te uiten: "We’re as dead as doors, we’re as dead as ashes".
Er zijn net als in het echte leven naast ups ook downs mee te maken op dit album. Zoals in Scream een langzaam nummer dat tot verveling kan leiden voor de mensen die nog niet vertrouwd zijn met de muziek van Cole en Imaginary Man, een dromerige song die ik naar het einde toe te bombastisch vind worden.
Gelukkig revancheert zij zich meteen met Billy Joe en Secretary. Beide songs bevatten pakkende teksten bij een boeiende, muzikale melodie en haar bulderende stem waarmee zij terecht zo geprezen wordt.
"I am just the song I have today" zingt ze in het slotnummer Red Corsette en het is een passend motto. Het is haar beheersing van het kleurenpalet bestaande uit muzikaliteit en emotie, in combinatie met de spannende dingen die ze doet met haar stem. die van dit album een blijvertje maken.
Ik hoop dat Paula Cole de erkenning krijgt voor dit album; ze heeft dat echt verdiend.