Robert Randolph & The Family Band - Lickety Split, ****

Gooi je oplader maar weg


Dat noem ik nog eens binnenkomen! Amped Up, het eerste nummer op het nieuwe album van Robert Randolph and The Family Band, doet meteen alle bierglazen in de toog rammelen. Met een stevige beat en een jankende pedal steel laat deze band je voelen hoe het is om hyperactief te zijn: dit is gewoonweg niet vol te houden! Met Born Again wordt het album swingend voortgezet (luistervraag: aan welk liedje uit 1970 doet het je denken?) om bij New Orleans (#3), een duet met zus Lenesha, tot rust te komen. Maar met Take the Party (#4) is het meteen weer bal. Er volgen daarna nog zeven liedjes van doorgaans hoge kwaliteit. Alleen Get Ready kent een virtuositeit die niet volledig boeit. Het album eindigt met een opzwepende uitvoering van Good Lovin' dat we kennen van de Young Rascals (1966). Deze afsluiter kemerkt perfect de muziek van Robert Randolph, want het is een dynamische mix van rock en soul. Deze elf liedjes vormen samen een gevarieerde muziekreis door de wereld van funk, soul en blues.

Robert Randolp (1980) speelt pedal steel en behoort tot de allergrootsten op dit gebied. Hij bespeelt deze gitaar zoals Johan Cruijff een bal tijden lang in de lucht kan houden: ogenschijnlijk met het grootste gemak. Ik maakte voor het eerst kennis met hem tijdens het tribute concert Love for Levon (Helm): A Benefit to Save the Barn (2012). Veel te laat, want hij maakt al veel langer muziek. Zijn debuutalbum Live at the Wetlands dateert uit 2002.

De dynamische muziek van Robert Randolph (1980) zit barstensvol energie. Net zoals je je uitgeputte mobiel aansluit op de oplader hoef je alleen maar Lickety Split op te zetten als je je moe en lusteloos voelt. Je eigen accu wordt dan in de tijd dat het album duurt volledig opgeladen.

Er zijn op op het albuum twee gastoptredens te horen. Trombone Shorty speelt mee op Take the Party en Carlos Santana verschijnt zelfs op twee nummers, waarvan Brand New Wayo het meest aanstekelijk is. De combinatie van deze twee gitaargrootheden pakt heel goed uit en het opjutten van de bandleden zorgt voor een speelsheid die doet denken aan Dance to the Music van Sly and The Family Stone. Een serieus accent brengt Welcome Home, een liedje over oorlogslachtoffers. Maar alles daaromheen zet de boel in vuur en vlam. Zonder gebruik te maken van aanmaakblokjes.