All Them Witches - Dying Surfer Meets His Maker


[New West Records]

All Them Witches, dat zijn vier mannen van weinig woorden. Maar hun daadkracht is veelzeggend. Het is een band die het van de explosiviteit moet hebben, vuige muziek maakt met gitaren die de weg bewandelen van lieflijk akoestisch via fuzz naar grunge en stoner of hoe die disciplines allemaal mogen heten. Het is muziek waarmee je beter niet bij je aanstaande schoonouders kunt aankomen om een goede indruk te maken, tenzij ze verstokte hippies zijn die een carrière als kantoorklerk hebben laten lopen. Want zulke types zijn immers vertrouwd met psychedelia en ellenlange uitgesponnen nummers uit de vorige eeuw, opgevoed als zij zijn met spul als In-A-Gadda-Da-Vida van Iron Butterfly of Revelation van Love, beide de-mind-verzettende nummers die een elpeekant lang duren.

Zo komt het album Dying Surfer Meets His Maker dus over. Het bevat weliswaar negen titels, maar die stromen naadloos in elkaar over en klinken aldus als een lange track met gitaren die kunnen janken maar die ook braaf (Mellowing) op het schoolplein kunnen spelen. En altijd is er dat gebeuk van Robby Staebler. Man man man, wat is die aan het overwerken op dit album. Was Dying Surfer Meets His Maker een film, dan verdiende hij een Oscar voor de beste hoofdrol. Met terloops eentje voor de beste bijrol voor de mondharmonica van Allan van Cleave op This Is Where It Falls Apart. De drums laten zich op dit album stevig op de voorgrond horen en dat is een goede keuze van producer Mikey Allred. Het is volkomen terecht dat Robby Staebler na 45 minuten en 27 seconden de eer krijgt om met een paar traag galopperende meppen het album te beëindigen.

Dying Surfer Meets His Maker is het derde echte album van dit kwartet uit Nashville. Het album is eind 2015 uitgekomen, maar komt nu pas in Nederland in de belangstelling. Onlangs traden ze op in het Burgerweeshuis. Op 19 augustus komen ze terug in Nederland voor een optreden in De Effenaar. De band heeft een bühnereputatie van improviseren en jammen. Het is zeker geen muziek voor de liefhebber van melodieuze liedjes die uitgerust zijn met kop en staart. Nee, het is koren op de molen van de harde werkers die na een dag het gerst gemalen te hebben willen genieten van passende muziek bij een goed glas bier. Proost!